Interviews

‘Meteen na de niertransplantatie kwam mijn energie terug’

 
 
 
 
 

‘Ga even zitten’, zei de arts aan de telefoon. Meteen wist Erik van der Wal waarom hij belde: er was een donornier beschikbaar. ‘En inderdaad: een week later zou ik een niertransplantatie ondergaan’, vertelt hij. Erik weet sinds 2003 dat hij nierpatiënt is. Sinds november 2012 heeft hij een donornier.

Erik lijdt aan IgA-nefropathie, een vorm van nierfilterontsteking die ook bekendstaat als de ziekte van Berger. De ziekte is te vertragen met medicijnen, maar niet te genezen. Door de jaren heen kreeg hij er steeds meer last van. ‘Moeheid, dat was het voornaamste. Ik kon niet veel meer, lag de halve dag te slapen.’

Wachttijd

Begin 2012 begon Erik met peritoneaaldialyse, oftewel buikspoeling. Intussen was hij zich, samen met zijn vrouw Inge Schimmel, aan het oriënteren op de mogelijkheid van een transplantatie. Erik: ‘Voor een postmortale donor was de wachttijd ongeveer vijf jaar, dus we vroegen ons af: is er geen andere manier?’

‘Ik was bereid mijn nier af te staan’, vult Inge aan. ‘Ik had al heel lang een donorcodicil, dus ik dacht: als ik na mijn dood organen wil afstaan, waarom zou ik dan niet bij leven zoiets voor een ander doen? En eerlijk is eerlijk, mijn eigen leven zou ook een stuk prettiger worden.’

Onverwacht

Een rechtstreekse transplantatie was niet mogelijk. ‘Erik heeft bloedgroep O, en ik heb AB’, vertelt Inge. Ook een crossover-transplantatie, waarbij twee koppels ‘ruilen’ van donornier, was geen optie. ‘We zouden een stel nodig hebben waarbij de donor O is, en de ontvanger AB. Maar een O-donor kan aan iedereen doneren, dus dat werd het ook niet.’

Toch gaf het stel de moed niet op. Na een tocht langs verschillende ziekenhuizen kwam er een onverwachte oplossing via het VUmc in Amsterdam. ‘Daar meldde zich een altruïstische donor, iemand die belangeloos zijn nier wilde afstaan’, vertelt Erik. ‘Die bleek een heel goede match met mij te zijn, en omdat Inge bereid was haar nier af te staan aan een vierde persoon, kwam ik in aanmerking.’

Energie

Zo brak in het VU-ziekenhuis het moment aan dat Erik nog één keer moest dialyseren – hopelijk voor het laatst. ‘Er was een kans dat het niet goed zou gaan, dat de donornier niet zou aanslaan. De artsen hadden me verteld: als het niet helemaal goed is, halen we het buisje (voor peritoneaaldialyse, red.) niet uit je buik. Dus het eerste wat ik deed toen ik na de operatie wakker werd: aan mijn buik voelen. Is-ie weg? En ja, hij was weg!’

Erik voelde zich vrijwel meteen beter. ‘Ik voelde de energie terugkomen en wilde van alles gaan doen, ook al was ik fysiek nog tot weinig in staat. Al na een paar dagen merkte ik dat er andere dingen in mijn lichaam gebeurden. Mijn haar en nagels groeiden sneller, ik kreeg een veel gezondere kleur.’

Nadelen

Inge herstelde minder snel dan ze had verwacht. ‘Ik had veel pijn, onder in de buik. De oorzaak is nooit gevonden, en uiteindelijk is het vanzelf overgegaan. Maar ik ben pas bijna vijf maanden na de operatie weer gaan werken. Dat is me wel tegengevallen. Inmiddels ben ik weer helemaal de oude. Ik heb nog maar één nier, maar daar merk ik helemaal niets van. Soms denk ik er maanden niet aan.’

Erik voelt zich nu beter dan voorheen, en is heel blij dat hij niet meer vier keer per dag hoeft te dialyseren. Alleen de medicijnen die hij levenslang zal moeten slikken om afstoting van de donornier te voorkomen, zorgen voor klachten. ‘Ik transpireer heel erg, vooral in de zomer. Dan loop ik een rondje met de hond en kan ik een nieuw shirt pakken. Ook trillen mijn handen vaak heel erg, als bij een Parkinson-patiënt.’

Positief

Erik: ‘Soms zijn er dagen dat ik baal van die medicijnen en dat gebibber, maar over het algemeen wil ik er het beste van maken. We staan allebei positief in het leven, en dat heeft ons veel geholpen. Hoe lang mijn nier meegaat, weten we niet. Hij kan het over vijf jaar begeven, of over tien. Maar tegen die tijd is er misschien wel een kunstnier.’

Gezonde Nieren Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van het laatste Gezonde Nieren nieuws.